Terug naar school na de tweede ‘zomervakantie’

Een tijdje geleden las ik dit artikel in de Volkskrant: “Terug naar het klaslokaal: ‘Alsof we elkaar weer zien na de zomervakantie’. Interessante verhalen van leerkrachten en IB-ers die vooruitkijken.

Vervolgens stuitte ik daarna op een interessante reportage over een school in de Bijlmer die een paar weken draait: “Eerst lockdown en nu zomervakantie: ‘Het was een heel raar schooljaar’

Open Google en je zal lezen dat de eerste zomervakantie een enorme impact gehad heeft op veel kinderen. Ik denk dat we dat onderschat hebben. Denk maar eens aan de laatste weken voor de vakantie waar er ontzettend veel geschreven werd over de kansenongelijkheid. De sprongen voor- en achteruit die gemaakt zijn door kinderen. Vooral cognitief – en waar ik weinig kon vinden over de emotionele ontwikkeling. Er waren diverse berichten dat leerlingen ‘kwijt’ waren: scholen hadden geen idee waar kinderen waren en de inspectie waarschuwde voor de gevolgen van afstandsonderwijs . Om het op te vangen kwam er een bak subsidie om de kinderen erbij te trekken in de zomervakantie en voor de voorschoolse educatie (kinderopvang) kwam er 7 miljoen vrij voor Inhaal- en ondersteuningsprogramma VE – voor peuters met kans op een onderwijsachterstand.

Nog 2 nachtjes

“Nog 2 nachtjes slapen pap, dan mag ik weer naar school!”, mijn jongste kijkt er naar uit. Ik ook 😉 Het noorden heeft maar een relatief korte periode gehad dat de kinderen weer naar school mochten. Eerst deels en de laatste weken weer volledig. En toen was het ineens ‘weer’ vakantie. Het VO heeft helemaal geen fysieke les gegeven. Mijn zoon zit dus al vanaf 16 maart thuis, op 1 kennismakingsochtend na.

Na de eerste terugkeer naar de basisschool was het sociaal emotioneel een feestje. Heel veel scholen hadden daar veel aandacht voor. Er was veel aandacht voor gesprekken en spelen op het schoolplein.

En nu? Nu is het weer anders.

Dit keer is de start van het nieuwe schooljaar anders dan ooit. Stichting School & veiligheid heeft speciaal een stappenplan ontwikkeld. De site schrijft:

Een van de grootste uitdagingen bij het opnieuw naar school gaan, is het omgaan met verschillen. Verschillen in beleving, in wat leerlingen en personeel hebben meegemaakt, wel of geen verlieservaring, in veilige of onveilige thuissituatie, in leerachterstand, of gewoon in het wel of geen zin hebben weer naar school te gaan.

Vertrouw in deze uitzonderlijke situatie op de veerkracht van de leerlingen, hoe jong ze ook zijn.

Het zal anders zijn. Dat is een feit. School & Veiligheid geeft praktische tips voor scholen. Bekijk de site of download hier het stappenplan.

Het mooie is dat de site ook inspeelt op de rol van de ouders. Want juist die afstemming is de komende periode zo belangrijk. Ik hoop dat scholen deze kans pakken en zoveel mogelijk ouders kunnen bereiken.

Ik ben als mens redelijk nuchter. Kinderen zijn veerkrachtig en als er aandacht is voor de sociaal emotionele ontwikkeling en de afstemming er is met de ouders zal het inderdaad snel weer ‘normaal’ gaan. Maar… ik vind de coronaberichten verontrustend. Rotterdam en Amsterdam hebben als grote steden al grote problemen en daar moeten maatregelen genomen worden. Bij mij in het dorp vallen de toeristen over elkaar. In de Appie word ik regelmatig omver gelopen, de markten op de woensdagen zijn overvol en de terrassen puilen uit. Dat kan niet goed gaan. Ik laveer en ontwijk de drukte.

Maar – wat als er weer een piek komt? De houding van veel jongeren is verontrustend – jongeren die straks allemaal weer naar school gaan. En kinderen die elkaar weer zien na de vakantie in de klassen.

Want ik ben bang dat het funest wordt voor veel kinderen als er weer maatregelen genomen moeten worden. Maatregelen waardoor kinderen weer meer thuis ‘zitten’. En ouders zich weer in bochten moeten wringen om de kinderen op te vangen. Dat is voor niemand een gezonde situatie.

Nog 2 nachtjes voor mij

En ik? Ik breng mijn dochter op de fiets naar school maandag. Ik zet haar keurig af bij het hek, want school is verboden terrein voor ouders. De volgende dag breng ik mijn andere dochter op de fiets naar school. Haar eerste dag op het VO. Reuze spannend en ook nog eens reuze ver weg. Donderdagochtend zet ik mijn zoon op de trein. En dan? Dan sluit ik enerzijds een periode af. De coronaperiode, voor mijn gevoel sinds 16 maart. Maar ik heb de eerste weken mijn agenda ‘s middags leeg gelaten: om thuis te zijn als de kinderen thuis komen. Net als vroeger, toen mijn moeder dagelijks klaar zat met thee en een koekje.

We gaan het zien. Op naar het nieuwe normaal. Kinderen zijn veerkrachtig. Ik ook 😉

Geef nooit op!

Een moeder filmde haar zoon terwijl hij probeerde een plank te breken. Als ‘zoektocht’ naar zijn gele riem.

Na verschillende pogingen raakt hij overstuur en vecht tegen zijn tranen. De frustratie, het gevoel van onmacht. Hij valt en staat weer op.

En dan gebeurt het mooiste: niet alleen zijn sensei motiveert hem, ook de rest van de groep begint hem aan te moedigen, toe te juichen en zelfs zijn naam te scanderen.

De sensei zet hem nog eens goed in positie en dan breekt de plank! De sensei springt juichend op en de jongen wordt bedolven door een uitzinnige groep!

“Hij hoefde het bord niet te breken om door te gaan, maar hij wilde het wel”, schreef zijn moeder. “Juist door de aanmoedigingen, instructie en liefde kwam hij er!”

Dit voorbeeld laat zien dat we vaak alleen maar een beetje liefde, aanmoediging en steun van degenen om ons heen nodig hebben om onze doelen te bereiken.

Zoals de moeder schreef: ‘Mijn zoon heeft vandaag een van de belangrijkste lessen in zijn leven geleerd: GEEF NOOIT OP!”

Kinderen en volwassen : iedereen heeft er baat bij. En dat herken je zelf vast ook wel: hoe fijn is als je aangemoedigd wordt, door mensen die er in geloven, die je steunen, betrokken zijn en zich om je bekommeren – voor dat virtuele zetje! En dan samen het succes vieren!

kinderen horen niet dood te gaan..

Indrukwekkend… het bericht van de 7-jarige jongen die verdronken is vandaag. Ondanks reanimatie toch overleden. Wat heftig…. De foto bij het artikel is tekenend. De paniek, het ongeloof….

foto NOS

Het was geen mui, het was een ‘plas’.. Een ‘gewone plas’ – Het was de plas waar de dag daarvoor een volwassene verdronken was.

De foto raakte me. Dit was de situatie… zonder dat je het jonge slachtoffer zag.. Hoe kan het – 7 jaar. Een momentopname, een stijlframe, die zoveel zegt.

Ik verlang weer naar het schoolzwemmen.. het verplicht leren zwemmen… Want Nederland is waterrijk, maar nu wordt elk stroompje of plas benut om verkoeling te vinden. Zelfs hier in de buurt wordt er fanatiek gezwommen door oud en jong in ‘de stroom’. De brug is verworden tot springplank en geeft het grootste plezier.

Mijn dochter, 9 jaar, wilde laatst met vriendinnen naar de brug. Zij is een waterrat, zwemt het best van iedereen, en heeft 3 diploma’s. Het mocht niet van mij – niet zonder mij.

Jonge kinderen zijn zich niet snel bewust van gevaar. Zoals ik laatst schreef: laat kinderen vrij in hun ontdekkingen en spel, maar grijp in als het moet, als er gevaar dreigt wat ze niet inzien. Dat is net zo met water. Mijn zoon was verontwaardigd dat hij niet van het zwembadtrapje in het zwembad mocht duiken. Tot ik hem uitlegde wat er kan gebeuren in het ondiepe bad.

Laten we zorgen voor onze kinderen. En ze in de gaten houden: want zelfs met diploma kunnen ze vaak niet niet zwemmen. Het is net als je rijbewijs: je leer het pas als je het hebt..

Ik gun het niemand, echt niemand, zijn of haar kind te verliezen aan het water…. Kinderen horen niet dood te gaan..

Uitdagend stapelen

Op Facebook komen regelmatig advertenties langs die mijn aandacht trekken. Nu ben ik snel afgeleid, dus zo moeilijk is dat niet 😉 Maar mijn interesse ligt voornamelijk bij nieuwe spelmaterialen voor kinderen. Daar ben ik altijd in geïnteresseerd geweest en heb het lange tijd zelfs voor mijn werk mogen doen: Nieuwe innovatieve spelmaterialen voor kinderen opzoeken, kijken of het geschikt is en het eventueel opnemen in de catalogus. Nu lag mijn interesse met name in de materialen die op elektriciteit werken: dus fysiek digitaal. Bijvoorbeeld de Swinxs.

Bij digitale producten vind ik het belangrijk dat het niet echt alleen digitaal is, zoals een app, maar juist de combinatie is van fysiek met digitaal. Dus waarbij de kinderen ook de fysieke beleving hebben (motorisch, zintuigelijk).

Mijn oog viel op 2 advertenties. Allereerst Toaster Pets Cartoons. Het leek mij een mooie aanvulling om verhalen te maken, naast stopmotions. Maar toen ik het beter bekeek vond ik het wel erg mager: kinderen kunnen met 2 poppetjes een film maken, maar zijn beperkt qua ruimte, karakters (de poppetjes) en de achtergronden. Het is een gesloten systeem. Ik geloof best dat kinderen daar leuk mee kunnen spelen en hun fantasie er op los kunnen laten, maar ik denk dat ze ook snel verveeld raken.

Wat wel mooi is: je ziet geen handen, dus je kan echt een bewegende cartoon film maken. Maar eerlijk: ik vind de charme van een eigen gemaakte stopmotion met een greenscreen of eigen gemaakte achtergrond en eigen materialen veel meer hebben.

De tweede advertentie is verre van digitaal maar volgens mij 100x leuker: RALEK Perfect Balance Building Boulders. Het zijn stapelbare stenen, allemaal anders gevormd. Dat is een uitdaging om te stapelen! Ok, het is niet nieuw, maar laten we zeggen dat ik het herontdekt heb.

Kinderen vinden het vaak prachtig om te bouwen. Met blokken, legostenen, Kapla of iets anders wat stapelbaar is. Ruimtelijk werken. Ik had laatst met mijn jongste dochter nog een toren gebouwd van 2,5 meter van Kapla 🙂 Het maakte zelfs mij blij – dat het gelukt was en het enthousiasme van die kleine Purk.

En dan is dit toch zeker een uitdaging! En geef toe: uitdagender dan Toaster Pets Cartoons. Leuk voor thuis, kinderopvang of school!

Buiten de lijntjes kleuren

Ik ben altijd fel tegenstander geweest van ‘jufwerkjes’. De voorgeknipte figuren die ingekleurd moeten worden met verf, stiften of kleurpotloden. Ik heb het wel eens gevraagd aan een leerkracht, toen ik weer een waslijn met werkjes zag hangen. Eigenlijk wist ze het niet echt, de ouders vinden het wel mooi en het is wel gemakkelijk. Natuurlijk mochten de kinderen ook wel zelf creatief aan de slag, maar dit waren de thema werkjes. Creativiteit mocht op het verfbord als ‘hoek’ als dat aangebonden werd.

Als je een bepaald motorisch doel wil oefenen, kan ik me voorstellen dat je iets voorbereid hebt. Maar dan nog. Het is wel lekker veilig, en je moet binnen de lijntjes blijven (dus jezelf aanpassen), maar elke vorm van fantasie of creativiteit ontbreekt toch.

In de kinderopvang mogen wat mij betreft bijvoorbeeld de kleurplaten weggegooid worden. Kinderen zijn volgens mij veel meer gebaat bij een groot leeg vel wat ze zelf kunnen vullen, hun eigen creativiteit, ontdekkingen en fantasie in kwijt kunnen. Een bijkomend voordeel is dat de professional (pm-er) kan zien in welke ontwikkelfase kinderen zich bevinden, hoe de ontwikkeling is van de sociaal-emotionele intelligentie, cognitieve intelligentie en motorische intelligentie en of een kind zich ‘veilig’ voelt. Dus competent / autonoom, nabijheid.

Alsof ik het als pedagoog wel goed gedaan heb bij mijn kids. No way. Mijn kids hebben van jongs af aan heel wat kleurplaten verorberd. Bij mij, bij opa en oma. Heerlijk vond ze het. En altijd zo trots als een pauw.

Mijn oudste dochter (12) is nog steeds gek op kleurplaten en die wisselt af met haar eigen Bulletjournaal. Mijn jongste vrat ook kleurplaten. Op een gegeven moment ging ze er zelf dingen bij tekenen. Ze ontwikkelde haar eigen fantasie, haar verhaal in de kleurplaat. Ik heb haar toen eens een wit A4tje gegeven en sindsdien is ze van de kleurplaten af. Ik neem er af en toe nog wel eens eentje mee, maar daar wordt niet naar omgekeken.

Voor de vakantie heb ik een extra groot tekenboek gekocht. Een boek met alleen maar lege A3-vellen. Ze is er dol op en tekent voor iedereen. Het levert ook mooie gesprekken op, want elke tekening moet uitgelegd worden. Zo zie ik onder andere dat ze de hond mist, haar vriendjes en haar avonturen op de camping tekent.

En gisteravond zag ik haar op straat – buiten de lijntjes en toch binnen de lijntjes – een pad maken op het pad. Dat is toch geweldig! 🙂

En natuurlijk, er zijn genoeg kinderen die wel genieten van kleurplaten. Want binnen de lijntjes blijven kan ook heerlijk zijn, structuur bieden, focus en rust. Maar begin daar pas mee als de tekeningen ook een herkenning bieden, iets betekenen voor de kinderen. Want een zwart/wit tekening is super abstract. En kijk eens wat voor hype het is onder volwassenen. Even niets, even ‘ontstressen’, je hoofd leegmaken, niet na hoeven denken en een mooi resultaat krijgen!

Ik denk dat je daar zelf goed naar moet kijken: waar heeft het kind behoefte aan. Het is net als spelmateriaal. Kinderen gaan ontdekken, exploreren, spelen en dan zelfstandig leren. Daar past de professional het materiaal, de activiteiten op aan. Doe dat ook met werkjes en creatieve activiteiten.

Want kom op, werkjes maak je niet voor ouders of omdat je het wel gemakkelijk vindt. Elk kind is verschillend, laat dat alsjeblieft ook terug zien in de creatieve uitspattingen.

Dus – buiten de lijntjes kleuren 🙂

Vraagvaardigheden op school

Ik lees het boek “Socrates op sneakers”. Ik wil vragen leren stellen. Ik wil de vraag achter de vraag stellen. Want in de opleidingen die ik gaf rond verandermanagement was dat altijd een vast onderdeel: “vraag!” Alleen door te vragen krijg je vragen, problemen, situaties… alles helder. Het ergste is: ik kan er zelf geen bal van. Dus ik leer iemand iets wat ik zelf niet kan.

Helpt een boek? Geen idee – maar ik werd afgelopen half jaar steeds aangespoord om vragen te stellen, en ik merkte dat ik niet tot die verdieping kwam: het bleven oppervlakkige vragen waar ik de antwoorden verder zelf weer invulde.

En het gekke is: ik hamer erop, ik ben erop gebrand dat we kinderen vragen leren stellen, laten stellen, blijven laten stellen. Kinderen moeten zich verwonderen, die onderzoekende houding houden, verbazen, niet alles klakkeloos aannemen omdat vader, moeder of de juf het zegt.

Tijd voor actie. En toen kwam dit boek langs. Echt – dit zou verplichte kost moeten zijn. Sowieso voor de PABO’s, een verplicht curriculum. Sterker nog: het is zo toegankelijk, zet het op de leeslijst van het VO.

Anyway. De schrijfster begint met een 6tal redenen waarom wij geen (goede) vragen stellen. Allemaal heel herkenbaar, vooral de laatste: “We krijgen geen les in vraagvaardigheden op school”.

En dat klopt. Op heel veel scholen. Sommige scholen proberen het, door in creatieve projecten kinderen zelf aan de slag te laten gaan. Maar leerkrachten vinden het lastig, ingewikkeld: Als ze oprecht een onderzoek- of vraaggesprek willen voeren in de klas moeten ze hun rol loslaten. Leerkrachten zijn opgeleid om kennisvragen te stellen, en niet om het kritisch denkvermogen van kinderen te stimuleren.

Verder wordt er als reden aangedragen dat men er door werkdruk, de druk van de inspectie en de druk van ouders niet aan toe komt. Want de focus ligt op het ‘scoren’, de cognitieve ontwikkeling. Het is voor ouders vaak belangrijk dat ‘hun’ kind in groep 1 al woordjes kan lezen of kan rekenen, en het kind wat zich creatief kan uiten of kan dansen wordt niet ‘gezien’.

Leerkrachten hebben de neiging om te sturen en te controleren wat de uitkomst is. Ze hebben vaak grote moeite met loslaten en de autonomie van de kinderen. En de kinderen zijn op een gegeven moment niet anders meer gewend en vragen:”Wat is het goede antwoord dan juf?”

Als wij zelf alles klakkeloos aan- of overnemen, de wijsheid in pacht hebben – hoe kunnen wij dan kinderen leren vragen te stellen? Of een uurtje per week het vak filosofie zou helpen? Nee, ik denk het niet. Het zou een mooi begin zijn, maar vragen stellen, die onderzoekende houding vergt een bepaalde houding, een mentaliteit. Het is geen truukje.

Neem alle ontwikkelingen rond de 21st Century Skills – het zijn allemaal hypes waar we in het onderwijs achteraan hobbelen. En dan wordt het weer stapelen, in plaats van puzzelen. Over werkdruk gesproken, ook dat nog. Digitale geletterdheid, laten we een expert opleiden. Waarom? We moeten kinderen leren programmeren, laten we robots kopen! Hoezo? Ah, samenwerken doende al, dat kunnen we afstrepen. Want? Als wij als volwassenen nu eerst eens aan onszelf gaan werken. Onszelf gaan afvragen waarom we de dingen doen die we doen en wat we daarmee denken te bereiken.. Wees kritisch, neem niet zomaar iets aan. Vraag. Onderzoek. Wees nieuwsgierig.

Dat bracht mij weer terug bij de discussie over ‘burgerschap’. Laat daar kinderen maar eens serieus over nadenken zonder te sturen. Ooit gedaan?

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig. Sterker nog: ik denk dat elke volwassene dat nog ergens wel heeft. Ik ook, ik ben rete nieuwsgierig. Maar door niet te (durven) vragen kom ik vaak niet verder.

Begin zelf laagdrempelig. Pak de sites die ik laatst al plaatste en verwonder je, verplaats je in het kind.

BNN/Vara heeft een interessante site van Vroege Vogels,met veel weetjes

De site Knack.be heeft een maand lang kindervragen beantwoord onder de noemer “Mysterie van de dag”

Dit is een mooie om in gesprek te gaan met kinderen en zelf te leren vragen:

https://www.kidsproof.nl/zuid-limburg/blog/beantwoord-deze-leuke-vragen-samen-kletspraat-kletspot-kinderen-kindervragen

Of de site van Famme.nl