Huiskamer experimenten

Gisterochtend, in alle hectiek van het aankleden, brood smeren, ontbijten had mijn jongste dochter het ‘geniale’ plan om een experiment met limonade uit te voeren, toen ze zelf haar limonade beker klaarmaakte. Ik was benieuwd en vroeg haar wat ze wilde doen. “als ik nu deze drinkbeker uit giet in een ijsblokjesvorm, dan heb ik vanmiddag lekkere limonade ijsjes!” Geniaal.. Ik vroeg door wat ze daar dan van verwachtte, wat ze ermee zou gaan doen die middag. Ze vertelde dat ze dat dan in een glas water zou doen, zodat ze een koel glas drinken had met ijsblokjes en meteen een limonadesmaak. Ha, dat was wel super inventief.

In het vraaggesprek werd haar wel duidelijk dat haar idee misschien nog beter kon worden, als ze pure limonade zou gebruiken in de ijsblokjes vorm. Want ze had ingeschat dat dan 2 limonadeblokjes net zoveel limonade zouden zijn als dat ze zelf een glas met limonade zou maken. Dus qua smaak net zo lekker EN lekker fris.

Nu voorzag ik dat er 1 groot spoor van limonade zou ontstaan: van het aanrecht naar de diepvries. En aangezien de tijd doortikte, ze eigenlijk naar school moesten en ik dan de sjaak zou zijn om alle plaktroep op te ruimen leek het me goed om even een bewustwordingsmomentje te creĆ«ren. šŸ™‚

Dus ik vroeg haar ook na te denken hoe ze zonder te smeren de vorm kon vullen en in de vriezer kon zetten. Ze begreep me eerst niet, en toen ik haar vroeg om de vorm met water te vullen en te gaan lopen, zag ze in dat het niet bepaald handig was.

Er werd een kruk gehaald die bij de diepvries kwam te staan, om de afstand zo klein mogelijk te maken. Vol spanning en opgewondenheid (is dat een woord?) vulde ze de vorm met limonade.

‘s Middags, toen ik bezig was met koken, kwam ze teleurgesteld naar me toe: de limonade was nog niet hard genoeg. Het verbaasde mij ook een beetje, en ik stelde voor om morgen opnieuw te kijken.

Vanochtend zou het dan gebeuren. Ik had er nooit meer aan gedacht. Ze wilde het ijs in haar drinkbeker. Uiteraard, waarom niet gewoon nu, tussen het ontbijt en het brood smeren door… Ze haalde de vorm erbij en was weer teleurgesteld, het was nog net zo ‘zacht’. Huh? Dat moet vast door de hoeveelheid suiker komen bedacht ik me – eigenlijk ook het onderzoeken waard. Samen gingen we bedenken hoe we het beste een blokje uit de vorm konden krijgen. Want op de kop houden en het op het aanrecht slaan was geen goed idee (vond ik). De warme kraan! Voorzichtig werd de vorm onder de kraan gehouden en zo kon ze 1 blokje eruit wippen. Want ze wilde eerst toch maar 1 blokje proberen. Helemaal trots keek ze er naar en liet het in haar drinkbeker vallen. Totaal gebiologeerd keek ze ernaar. Wat een mooi moment šŸ™‚ De vorm wilde ze in de koelkast zetten, want dan zaten ze niet meer zo vast. Ik vroeg haar wat er dan gebeurde waarna ze zich bedacht en doorliep naar de diepvries.

Vanmiddag kwam ze naar me toe:”Pap, de limonade was niet lekker, het was veel te licht. Ik ga het proberen met 2 blokjes en ze huppelde naar de diepvries toe.

Vaak neem je als volwassene te weinig tijd voor dit soort ‘experimentjes’. Of je nu thuis bent of op school. Het komt vaak ‘niet uit’. Ook ik maak me hier schuldig aan – ik voorzie vaak al ‘onaffe’ projectjes die overal rondslingeren. En eigenlijk is dat jammer, want het ‘samen’ beleven is echt magisch. En in feite hoef je alleen maar vragen te stellen. Want vaak weet je de uitkomst als volwassene al, je hebt die kennis. Dat is ook waar ik naar verwees in mijn artikel rond de 21st CS. En voor een experiment heb je echt niet altijd de empirische cyclus nodig. Al is het, als didactische werkvorm, in een doorgaande lijn van 0 – 13 jaar wel heel handig. Je kan het prima cursorisch uitbouwen.

Het wetenschapsknooppunt van de UU is een heel mooi uitgangspunt om te ontdekken hoe je dit uitbouwt.

Bekijk het filmpje over pannenkoeken bakken maar eens:

Zo heb ik heel wat schoolteams laten experimenteren met eenvoudige proefjes: om te laten zien hoe relatief eenvoudig je een vraagstuk omzet tot een onderzoekje. Dat is zo leuk om te zien en te ervaren!

Wil je thuis toch iets experimenteren en op een meer ‘gestuurde’ manier? Dus meer het initiatief bij jou laten dan bij het kind? Kijk dan kan eens op internet: er zijn tal van leuke proefjes en ideeĆ«n te vinden die je met kinderen kan doen. Denk alleen al aan NEMO:

https://www.nemosciencemuseum.nl/nl/ontdek/doe-het-zelf/maak-je-eigen-waterijsjes/

Het mooist is als het kind zelf met iets komt natuurlijk.

Zelf was ik als kind zo blij met het onderstaande boek. “Huiskamer experimenten”. door Kevin Goldstein-Jackson. Mijn vader had het voor mij gekocht toen ik een jaar of 10 was en ik heb echt heel veel proefjes kunnen uitvoeren. Ik kreeg het boek laatst mee. Misschien dat ik daardoor die nieuwsgierige houding wel gehouden heb?

Blijf dromen, blijf verwonderen, blijf nieuwsgierig!

AR en het jonge kind

Sinds ik actief ben rond de kinderopvang (nu bijna een jaar) ben ik steeds op zoek hoe ICT daar een rol kan krijgen. Qua vaardigheden kan ik uit ervaring zeggen dat de vaardigheden (didactisch als technisch) van de PM’ers gelijk zijn aan de vaardigheden van leerkrachten. Terwijl het zo nodig is als je dit artikel leest! Daarbij komt dat er ook nog eens een gevoel van ‘terughoudendheid’ heerst bij veel PM’ers. Dat herken ik wel van de leerkrachten in groep 1 en 2, en met name de mensen die de KLOS nog gedaan hebben. Het credo is daar: kinderen moeten kunnen spelen, zintuigen prikkelen, motorisch ontwikkelen. Eens… gedeeltelijk. Want je kan het ook heel goed combineren. Het is niet of-of. Sieneke Goorhuis is het daar trouwens helemaal niet mee eens, lees dit artikel.

De tablet.. wordt vaak ingezet door de PM-er voor de eigen registratie en het digitale schrift. Of wordt meegenomen naar de BSO. Over de BSO en ICT kom ik binnenkort met nieuws, dat geheel terzijde šŸ™‚

Er zijn zoveel leuke ICT-middelen die je kan gebruiken bij kinderen van 0 – 4 jaar. Echt. Laat je voorlichten door een adviseur of bel mij šŸ™‚

Het punt is alleen: hoe bed je het in? Hoe zorg je ervoor dat het een plek krijgt in je ‘aanbod’. En wanneer doe je dat? Ik ben bezig een model uit te werken waar PM’ers relatief eenvoudig kunnen duiden wat ze wanneer in kunnen zetten. Bijvoorbeeld tijdens de groepsexploratie, spel, in de speelleeromgeving of thuis. Het model is gebaseerd op het Gewenst Resultaat Schema (GRS) waar ik veel mee gewerkt heb in het onderwijs.

Het digitale aanbod is nu nog veel ‘hapsnap’. Dat maakt het lastig voor de PM’er om in te kunnen schatten wanneer wat een goede ruil is (vanuit het GRS gedacht). Wat echt gaat helpen, en wat er echt gaaf uit ziet (van wat ik er van gezien heb) is de digitale versie van Piramide. Piramide is een educatief concept voor jonge kinderen – en onterecht gezien als strikte methode – en tevens het meest gebruikte VVE programma. Het helpt de PM’er in alle opzichten een programma te creĆ«ren. Tijdens de presentatie waren de deelnemers erg enthousiast maar merkte je gelijk de kritische houding: de prijs, de benodigde apparatuur. Logisch. Want digitaal is nieuw, en dat betekent ‘veranderen’ . Ben je als organisatie enthousiast? Haal Kotter maar uit de kast šŸ™‚ Het is het meer dan waard, als ik de ontwikkelaar een beetje ken šŸ˜‰

Piramide digitaal als ‘kapstok’. En dan kijken welke digitale middelen je in kan zetten, naast (of in plaats van) je reguliere aanbod! Ik zeg: er komt een vernieuwingsgolf!

AR

Michiel, de titel is toch AR en het jonge kind?

Yes.. Want ik geloof dat AR voor jonge kinderen reuze interessant kan zijn. Het staat, wat de kinderopvang betreft, echt nog in de kinderschoenen. Er zijn al interessante AR-puzzels, boeiende kunst apps en mooie ontwikkelingen. Er is ook een keerzijde als we kijken naar AR: Op LinkedIn had ik daar laatst al aandacht aan besteed, binnenkort zal ik daar wat dieper op in gaan. Dat gaat over wat AR voor invloed heeft op de hersenontwikkeling.

AR is _de_ ideale manier om een nieuwe werkelijkheid te creĆ«ren in de huidige werkelijkheid. Voor jonge kinderen een ideale overgang. Je brengt iets ‘tot leven’ zonder de veilige omgeving ‘los te laten’.

Een paar leuke voorbeelden:

Een natuur app (uit 2013!) van de Nationale Boomplant dag:

https://apps.apple.com/nl/app/los-in-t-bos/id723447125

Tekenen en je eigen kunst maken in AR:

https://apps.apple.com/nl/app/just-a-line-draw-in-ar/id1367242427

Quiver: laat je tekeningen tot leven komen

https://apps.apple.com/nl/app/quiver-education/id993479851

Octaland: beeld virtueel beroepen uit

https://apps.apple.com/nl/app/octaland-4d/id1000598340

Mijn persoonlijke favoriet: Rupsje nooitgenoeg

https://apps.apple.com/nl/app/mijn-rupsje-nooitgenoeg-ar/id1277085142

En probeer eens Fectar:

https://www.fectar.com

Mijn jongste zag zichzelf laatst weer met het paard van Sinterklaas op de foto. Een foto die ik eind november van haar gemaakt had. En ze werd weer helemaal enthousiast. Nou ja, wellicht niet helemaal objectief, want ze is al heel snel enthousiast šŸ˜‰

AR kan een enorme toegevoegde waarde hebben bij jonge kinderen. Ik geloof er in. En niet alleen bij jonge kinderen, ook als ze ouder worden. En laten we AR nu niet eens als leuk ‘trucje’ inzetten, maar het zo toepassen dat kinderen er zelf mee aan de slag gaan. Qua creativiteit, muziek en als het kan dans: want daar liggen nog de nodige uitdagingen bij het jonge kind. Hoe mooi is het, als AR daarin een rol kan spelen om de PM-er te ondersteunen?

En wat dacht je van storytelling, Pokemon Smile en de super interessante app ‘AR Makr App’ – ook ideaal voor oudere kinderen!

Kinderopvang – what’s in a name

Laatst had ik er al een post over geplaatst op LinkedIn: zullen we afstand nemen van de term ‘kinderopvang’, ‘peuteropvang’, ‘buitenschoolse opvang’?

De term dekt de lading niet meer. Al jaren niet. En wat te denken van de van de oorspronkelijke naam ‘kinderbewaarplaats‘ ?

Van kinderbewaarplaats naar crĆØche naar kinderopvang. In dit interessante artikel Historisch perspectief Kinderopvang LPK (17/06/2017) wordt de geschiedenis van de kinderopvang uiteen gezet.

Daarin staat te lezen dat een voorontwerp van de Wet op de Kindercentra het in 1973 niet haalde omdat studies hadden aangetoond dat kinderen tot hun 3e levensjaar het best bij de moeder kon blijven. De hechtingstheorie van Bowlby onderbouwde dat.

In 2005 krijgt de kinderopvang, vanuit De Wet Kinderopvang, een pedagogische opdracht die uitgewerkt moesten worden in 4 pedagogische doelen. Er werd vanaf toen meer gestructureerd pedagogisch gehandeld richting de kinderen. En kijk nu eens naar de Wet Kinderopvang.

Zelf had ik, toen ik als broekie voor de klas kwam (1998), zelf ook een beeld van de kinderopvang. Het beeld dat kinderen er naar toe gebracht werden, er opgepast werd, eventueel die rust, reinheid en regelmaat aangehouden werd en ‘s middags weer gehaald werden. Dat beeld had ik zelfs toen ik in 2007 mijn zoon als baby naar de opvang bracht. Ergens voelde ik me zelfs schuldig dat ik dat deed. Maar ja, je hebt beiden een drukke baan en zit volop in je carriĆØre.

Het beeld werd ook nog eens bevestigd op die opvang. Want ik bracht mijn zoon, werd opgevangen door een leidster en aan het einde van de dag kwam ik weer: was er een heel ander gezicht en werd de dag doorgenomen vanaf het whitebord, waar ik mee kon lezen hoe vaak hij gedronken had, gepoept had, verschoond was en geslapen had. Punt. Dat was ook de reden om een andere opvang te gaan zoeken, iets kleinschaligers waar meer aandacht en affectie was bij mijn zoon. Een gastouder was de oplossing. Dat was meer een warm ‘nest’ met een prettige overdracht. Alleen bleef het beeld van ‘opvang’ in mijn ogen gewoon echt ‘opvang’. Wel met het idee dat mijn zoon in goede handen was. Dus een veilige omgeving en affectie.

Toen zij stopte, en wij zelf een kinderopvangorganisatie startten, waarbij het uitgangspunt was kleinschalig en kwaliteit, was ik inhoudelijk nog steeds niet bekend met wat de pedagogisch medewerkers allemaal al ‘in huis’ hadden. Welke opleiding ze gevolgd hadden, welke cursussen er gevolgd werden, hoe ze eigenlijk bezig waren met de ontwikkeling van het kind.

Mijn pad scheidde zich en ik ging vol door in het onderwijs. In de laatste jaren, toen ik heel dicht op de professionaliseringskant zat van de pedagogisch medewerkers, ontdekte ik het. Mijn collega’s die, als jonge kind specialisten, bezig waren met de pedagogisch medewerkers lieten mij regelmatig zien wat zij aan portfolio’s meekregen. Ik bladerde af en toe een portfolio door en was onder de indruk van de passie waarmee deze gemaakt was, maar ook van de inhoud: hoeveel men wist van de ontwikkeling van het jonge kind, wat de toegevoegde waarde was van spel, interactie, hun eigen rol als begeleider. En wat mij het meest trof: de liefde waarmee deze portfolio’s gemaakt waren. Hoe serieus deze mensen aan de slag waren geweest. Uiteraard, er zullen ook minder uitgewerkte portfolio’s zijn. Het is niet altijd rozengeur en maneschijn. šŸ™‚

Vorig jaar ben ik uit het onderwijs gestapt en heb ik de overstap gemaakt naar de kinderopvang. En in die maanden werd mijn gevoel bevestigd. Toen pas.

De belangrijke rol van de pedagogisch medewerker. Het beeld van ‘opvang’ is achterhaald. De pedagogisch medewerker is continu bezig met de ontwikkeling van het kind. Van 0 – 12 jaar. En wat ik ook uit ervaring kan zeggen, met zoveel passie voor het vak! Ieder kind is uniek en willen ze maximale aandacht geven. De veranderingen die de laatste jaren plaatsvonden (en nog steeds plaatsvinden) zorgen er wel voor dat het begint te schuren: denk aan de groepsgrootte (vaak door tekort aan PM-ers), de toenemende wet- en regelgeving, controles en meer en meer rapportages maken. Want ze willen er zijn voor ieder kind en dat de maximale aandacht geven, en mede verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van het kind. En dan maak jij je als pedagogisch medewerker niet druk om wat je doet en dat te delen: want wat je doet hoort gewoon, dat is je drive.

Dan doe je met de term ‘opvang’ dus te kort.

Ok, ik ben een zwart/wit denker cq kijker. Maar het feit dat ik pas na zoveel jaren dat inzicht gekregen heb: hoe zouden sommige ouders, scholen, de maatschappij tegen de kinderopvang aankijken?

De discussie laaide tijdens de coronacrisis al regelmatig op. Het onderwijs vs de kinderopvang.

Ik denk dat we serieus moeten kijken naar een andere naam. Een naam die de lading dekt. Een hedendaagse naam, want die andere is ook al 40 jaar oud. Wie heeft een suggestie?

Zelf maak ik me nog even hard voor de pedagogisch medewerkers. Ik heb begin dit jaar een plan uitgewerkt waar de organisatie nu mee aan de slag gaat en nu veel meer handelt vanuit de (professionaliserings)vraag van de pedagogisch medewerker. Want ik heb te vaak gezien dat door de top-down georganiseerde trainingen, opleidingen, cursussen, bijeenkomsten het vuur kunnen doven. En dat mag nooit. En als dat plan staat? We shall see..

staken..

” Wat gaan jouw kinderen doen op 5 oktober?” Deze vraag kreeg ik vanmiddag voorgelegd door de BSO. Zij weten kennelijk dat het schoolteam gaat staken.

Is dat gelijk tekenend voor hoe het onderwijs haar ‘klanten’ ziet vs. hoe de BSO haar klanten ziet? Het valt me gelijk op dat ik het tussen aanhalingstekens zet: een school ziet een ouder vaak nog te weinig als klant. Ik zal zo mijn spambox checken.

Ik vind dat je als school een onderneming runt. De klant wil je tevreden (be)houden door kwaliteit te leveren. Logisch.

En dan ga je staken. Gaat iedereen dan naar het Malieveld? Kunnen we 70.000 mensen verwachten rond het Binnenhof of als menselijke keten rond het ministerie van OCW om een statement te maken? Ik vermoed dat een groot deel lekker thuis gaat zitten, op de teams na die er echt werk van maken. Want die heb ik 2012 en afgelopen voorjaar ook gezien.

En wie zijn de dupe? De kinderen. Waarom? Omdat ouders door hun vakantiedagen heen zijn en de kinderen toch een plek moeten geven, zoals overvolle BSO’s.

Het salaris is een argument, werkdruk het andere. Ik denk dat, als oud leerkracht, het vooral zit in het financieren van het onderwijs. Want het salaris is echt niet slecht, als je alleen al kijkt naar alle vakantiedagen en de secundaire arbeidsvoorwaarden. Ja, het verschil met het VO is ‘way too big’ .. maar volgens mij is de oplossing als volgt:

Bevries de komende jaren de lonen in het VO, geef dit percentage aan het PO zodat zij daar extra handen in de klas mee kunnen bekostigen. Want eerlijk is eerlijk: het hele passend onderwijs concept is 1 grote verborgen bezuiniging geweest waar iedereen in gestonken is. Ik geloof echt dat die extra handen nodig zijn.

En het staken? Niet doen: maak een statement door met ouders in het verweer te komen: stop per direct met het CITO LVS en toetsen. Dat scheelt heel wat werkdruk en let maar eens op welke druk er ontstaat bij de overheden!

En het salaris? vergelijk het nou eens niet met het groene gras bij de buren, kijk ook eens naar de zorg…

Ik ga opvang regelen.

 

 

 

Snapling – maak je eigen speurtocht

screen568x568

Soms zie je een juweeltje langskomen wat je gewoon moet melden. Omdat het gewoon gaaf kan zijn. Zo’n juweeltje is Snapling volgens mij ook.

Op iTunes staat de volgende omschrijving:

Snapling is een leuke sociale foto speurtocht spel, waar je foto’s kunt laten ( Snaplings ) van voorwerpen of locaties voor iedereen te vinden! Probeer foto’s die anderen in de buurt hebben geplaatst met behulp van Snapling met deze app met ingebouwde GPS en kompas te vinden. Maak zo nauwkeurig mogelijk een foto om punten te scoren!

En als ik dat lees zie ik kansen. Kansen voor de leerkracht die een speurtocht uitzet waar kinderen locaties moeten fotograferen, of kinderen die zelf in de eigen omgeving (of in school) een tocht uitzetten voor anderen. Wat dacht je daarnaast van het oefenen vanĀ ruimtelijke oriĆ«ntatie, een kinderfeestje waar je een route uitzet, of de ouderavond waar je laat zien wat nieuwe media voor mooie dingen kan doen.

http://snapling.co

Class Charts – inzicht in gedrag met data

“If it’s free, you’re the product”. Deze zin blijft door mijn hoofd zingen als ik door de fraaie omgeving van Class Charts beweeg. Of het terecht is?

“Met Class Charts krijg je data-intensive klassenplattegronden en gestroomlijnd gedragsmanagement. Je kunt zelfs samenwerken met andere leerkrachten en als een team werken aan het aanpakken van gedrag. En het is 100% gratis!”

Het klinkt te mooi om waar te zijn: en het is waar! Na het aanmaken van een gratis account krijg je gelijk de keus om een eigen klas aan te maken of een demoklas te gebruiken. Je kan als leerkracht dus je eigen klas invullen, of als docent meerdere klassen aanmaken en invullen. En dan bedoel ik echt invullen: je plaatst letterlijk de tafels op de juiste plekken in het lokaal en daar zet je de leerlingen in. Je kan het zelfs heel persoonlijk maken door een foto van elke leerling te plaatsen. Is je klas klaar? dan kan je aan de gang!

Schermafbeelding 2013-12-13 om 21.18.48

Activiteiten.

In het overzicht van je klas kan je verschillende acties uitvoeren. Je kan op een leerling klikken en deze beoordelen Ā met een positief gedrag als goede vooruitgang, goed werk, aardigheid, met taak bezig, volhouden of juist het negatieve gedrag in beeld brengen: ruziĆ«n, kletsen, huiswerk niet gedaan, niet met taak bezig zijn, brutaal of schreeuwen.

De score bij de leerling verandert dan gelijk. Is het gedrag gemiddeld positief, dan staat de teller op groen, is het gedrag overwegend negatief, dan staat deze op rood.

Is een leerling absent? Dan kan je dat gelijk aangeven. Zo krijg je ook gelijk inzichtelijk hoe vaak een leerling de lessen eigenlijk volgt.

Al deze activiteiten zijn ook in ‘bulk’ sessies aan te klikken. Dus observeer je bijvoorbeeld dat in een projectgroep de samenwerking vlot verloopt, dan kan je deze leerlingen eenvoudig ‘scoren’.

Rapportage

Overzicht

Onder de knop ‘overzicht’ Ā krijg je informatie waar je als leerkracht of docent warm van wordt. Je kan helemaal instellen welke informatie van welke leerlingen je specifiek wilt zien, of gewoon van de hele klas. Vervolgens krijg je een overzicht van gedragsscore per leerling, en een groepsgemiddelde per week. Waardevolle informatie voor jou als professional.

Wat helemaal mooi is en perfect past in deze tijd: je kan per leerling ook ouders uitnodigen om de gedragsresultaten te bekijken/delen. Als je daarvoor kiest draait het systeem automatisch een PDF voor je uit, met een persoonlijke code voor elke ouder/verzorger met als onderwerp ‘blijf op de hoogte van xxxxxx gedrag op school’ .

Wat voor mij ontbreekt is een vorm van sociogram, zoals een insteek Ā waar Digikeuzebord voor kleuters voor kiest. Dan kan krijg je echt inzicht in hoe het gedrag van iemand zich verhoudt ten opzichte van anderen. En daar kan je dan echt op sturen.

Ben ik enthousiast? ja! Is het uniek? Nee. Er is een ijzersterk alternatief: Teacherkit. Dit pakket heeft exact dezelfde mogelijkheden, maar heeft een duidelijke focus op het VO en is verkrijgbaar als IOS-app. Ik zal beide pakketten binnenkort eens naast elkaar zetten.

Ik heb de vertegenwoordiger Erik Brandsma ook gevraagd naar het bedrijf achter Class Charts (Edukey) en haar ambities. Erik kon mij het volgende vertellen:

” Hun ambitie is op dit moment om in heel Europa de tools en producten beschikbaar te maken. Onlangs is voor Nederland de website opgezet voor Class Charts. De oprichter van Edukey is 16 jaar lang leraar geweest en die doet het puur om voor leerkrachten en leerlingen een betere leeromgeving te creĆ«ren.”

Probeer het eens. Ik heb geen aandelen šŸ˜‰